Stiekem gluren
Sam wandelde op een mooie zaterdagmorgen over straat. Dat deed hij bijna iedere zaterdag. Hij ging dan zijn hele woonwijk op zijn dooie akkertje door. Hij keek hier en daar wat naar binnen. Het was nou niet bepaald veel wat hij in de meeste huizen zag, maar dat kwam ook misschien wel omdat het vaak al licht was buiten. Maar nu, op deze wintermorgen was het nog donker buiten, dus misschien had hij wel mazzel. Het was niet al te koud voor de tijd van het jaar, maar voor de zekerheid had Sam toch maar een dikke jas aangetrokken en om zijn nek had hij een wollen sjaal.